Af en toe een melding de afgelopen jaren bij deze opdrachtgever maar nu, in 2021, zijn het er al zeven. Veranderingen, nieuwe managers, strengere functioneringseisen. De melders wilden geen stappen ondernemen, bang voor problemen met de teamleider.
Bij het gesprek over het jaarverslag, dat ik in deze middelgrote organisatie altijd met de HR-adviseur voer, schuift deze keer de directeur aan. Hij wil het beste voor zijn personeel, denk ik als we om de tafel zitten. Ik denk aan een van zijn medewerkers. Onlangs meldde ze zich voor de derde keer. Betrokken en bezorgd. Ze ziet ervaren collega’s vertrekken, anderen worden stiller, uiten zich niet meer in het teamoverleg. Ze missen als team informatie over alle ontwikkelingen die gaande zijn.
Als ik hem vertel dat mensen bang zijn voor problemen met de teamleider en daarom bij hem geen signalen afgeven, schrikt hij. Hij verzekert mij dat hij zorgvuldig en vertrouwelijk om zal gaan met de namen van de medewerkers maar tegelijk wel iets te moeten doen met de inhoud van de klachten.
Na dat gesprek vraag ik de melders opnieuw of ze hun signalen bij de directeur af willen geven. Ze gaan erover nadenken. Als zij niet zelf met hem in gesprek gaan, kan ik hun signalen afgeven. Benieuwd wat ze besluiten.
Deze tekst is gebaseerd op ervaringen van mijn werk als vertrouwenspersoon. Gebeurtenissen zijn onherleidbaar beschreven, namen zijn verzonnen. Elke overeenkomst met een organisatie, plaats of persoon berust op toeval of schrijf ik toe aan het feit dat beschreven gebeurtenissen veelvuldig voorkomen.
